Basisloon
De vergoedingen voor tijdelijke en blijvende arbeidsongeschiktheid, en de renten dodelijk arbeidsongeval, worden berekend als een percentage op het basisloon.
Het basisloon omvat het loon waarop de werknemer, in de functie waarin hij is tewerkgesteld op het moment van het ongeval, recht heeft voor de periode van 365 dagen voorafgaand aan het ongeval.
De AOW bepaalt wat onder "loon" dient begrepen te worden. Er zijn ook specifieke bepalingen voor slachtoffers die nog geen jaar in dienst of in dezelfde functie zijn, en voor gepensioneerden die nog bijverdienen.
Het basisloon voor tijdelijke arbeidsongeschiktheid verschilt alleszins van dat voor vergoeding van de blijvende ongeschiktheid:het vakantiegeld is er niet in opgenomen. Daarnaast kunnen beide basislonen van elkaar verschillen in geval van deeltijdse arbeid en/of minderjarige slachtoffers en leerlingen.
Het loon mag niet lager zijn dan wat in de paritare comités gesloten CAO's is bepaald. Met als absolute ondergrens het zogenaamde interprofessionele minimumloon, het gewaarborgd gemiddeld minimum maandloon.
Voor een aantal bijzondere categorieën heeft de wetgever ook forfaitaire basislonen voorzien.
Tenslotte stelt de AOW ook een minimum en een maximum basisloon in.
Wetgeving
Aanschrijvingen
Basisloon
Minimum - Maximum
Forfaitaire basislonen
Gewaarborgd Gemiddeld Minimum Maandinkomen
Minimale vergoedingen
Internationale zaken
Rechtspraak